Gancho el gancho, letterlijk: haak
De gancho is de víbora's broertje aan de backhand-kant. Een aanvallende half-volley boven het hoofd, gespeeld met de backhand-zijde, met sidespin. Lastig om te leren omdat hij tegen je natuurlijke beweging in voelt, maar dodelijk als hij zit.
De gancho is voor mij de slag waarmee ik het laatste echte gat in mijn spel dichtte. Tegenstanders hadden door dat ik zwakker werd op een lob naar mijn backhand-kant, en gingen daar systematisch op spelen. Pas toen ik de gancho leerde, kon ik die ballen ook aanvallend terug spelen in plaats van defensief. Het kostte me drie maanden om hem betrouwbaar te krijgen.
Wat is een gancho
De gancho, Spaans voor haak, is wat je doet als de tegenstander je probeert te lobben naar je backhand-kant en je geen tijd hebt om eronder te komen voor een normale backhand. Je raakt de bal hoog op met een backhand-snij-beweging, vergelijkbaar met een víbora maar dan aan de andere kant van het lichaam.
Het effect is hetzelfde als bij de víbora: sidespin, lage stuit, bal die richting het zijglas vlucht. Maar omdat hij vanaf de backhand-kant komt, gaat hij meestal naar de tegenovergestelde hoek, daar waar de tegenstanders het minst verwachten. Dat verrassingseffect maakt hem zo waardevol.
Voor rechtshandige spelers betekent dit: je staat aan de rechterhelft, de lob komt naar je linkerzijde, je slaat met je backhand een gancho richting de rechterhoek van de tegenstander. Voor linkshandigen geldt het spiegelbeeld.
Wanneer speel je een gancho
- Lob komt naar je backhand-kant en is te kort voor een rustige backhand-bandeja.
- Je hebt geen tijd om je om te draaien voor een forehand-bandeja.
- Tegenstanders verwachten een verdedigende return uit een backhand-lob. Verrassing is een wapen.
- Op de baan-helft waar je goed met een gancho naar de uithoek kunt mikken zonder uit-bal-risico.
- Tegen rechtshandige tegenstanders die in een rechts-rechts paar spelen, want dan land je de bal vaak op de zwakkere backhand-side.
De techniek
- Single-hand backhand-grip. Continental of licht oost-backhand. Twee-handige backhand kan niet bij deze slag, want je verliest de sidespin.
- Schouders volledig draaien. Niet-slaande arm wijst naar de bal. Een goede gancho is herkenbaar aan een ver-gedraaide rug.
- Snij van boven-buiten naar onder-binnen. Net als bij de víbora, maar dan gespiegeld voor de backhand-zijde.
- Contactpunt hoog en iets voor je lichaam. Niet erboven en niet ernaast. Voor je.
- Pols geeft de spin. Polsklap op het laatste moment, vlak voor contact.
- Plaats naar de tegenovergestelde hoek. Cross-court is veiliger en effectiever. Langs de lijn is een specialistische variant.
Wat veel mensen verkeerd doen
- Backhand-smashen met dubbele hand. Dat verliest de sidespin en wordt een rare backhand-smash zonder effect.
- Te recht door de bal slaan. Wordt een mislukte backhand-bandeja.
- Te vaak proberen. De gancho is een gespecialiseerde slag, niet je standaard backhand-antwoord op elke lob.
- Niet doorvolgen. Het net behouden na een gancho is even cruciaal als na een víbora.
- Hem leren voordat je backhand-bandeja staat. Eerst de basis, dan de geavanceerde variant.
Maak eerst je backhand-bandeja consistent. Pas als die staat, ga je met sidespin experimenteren. De gancho is een toplaag op een fundament. Zonder fundament wordt het frustratie en uit-ballen. Op mijn club doe ik vaak deze oefening: vijftien backhand-bandeja's eerst, dan vijftien gancho's, en je voelt het verschil in racket-baan vanzelf. Als je het niet voelt, ben je nog niet klaar voor de gancho.
GANCHO in beweging
Bekijk dit patroon vanuit elke camerahoek met spelersposities en balbanen, in de Patterns 3D-tool.
Open Patterns 3D →Wanneer je hem gaat trainen
Mijn aanbeveling: pas als je op club-niveau hoger speelt en je tegenstanders bewust op je backhand-kant gaan spelen, is de gancho het waard om te trainen. Op beginnersniveau lobben tegenstanders nog wat willekeurig, en is een backhand-bandeja al meer dan voldoende.
De truc is: vraag je vaste maatje of trainer om vijftien lobs op je backhand te slaan. Sla niet meteen gancho's, sla eerst tien backhand-bandeja's en kijk waar ze landen. Dan tien gancho's en vergelijk. Het oog leert sneller dan het lichaam, en het ziet snel welke positie en welk contactpunt de juiste zijn voor de side-cut.